Ondersteuning is een hoofdtaak
De krijgsmacht heeft drie hoofdtaken. Eén daarvan is het ondersteunen van civiele autoriteiten en het leveren van bijstand bij rampen en crises. Defensie neemt de gewone rol van gemeente, politie, brandweer, geneeskundige diensten of waterschap daarbij niet automatisch over. Zij levert mensen, middelen of specialistische kennis wanneer de verantwoordelijke civiele organisaties extra capaciteit nodig hebben.
Defensie werkt hiervoor samen met de veiligheidsregio's en andere overheidsorganisaties. In iedere veiligheidsregio is een Regionaal Militair Operationeel Adviseur beschikbaar. Deze adviseur kan het lokale gezag en hulpdiensten helpen bepalen welke militaire expertise of middelen aangevraagd kunnen worden.
Welke hulp kan Defensie leveren?
De mogelijkheden zijn breed. Defensie noemt onder meer voertuigen voor evacuatie, tijdelijke opvang op defensielocaties, noodbruggen, technische eenheden, noodverbindingen en geneeskundige voorzieningen. Ook zijn er specialistische teams voor explosieven, gevaarlijke stoffen en ontsmetting. Bij natuurbranden kunnen militaire blushelikopters of andere ondersteuningsmiddelen worden gevraagd.
Dit is geen vaste lijst die bij iedere crisis volledig klaarstaat op de incidentlocatie. De passende capaciteit hangt af van het verzoek, de dreiging en de beschikbaarheid. Een militaire vrachtwagen bij hoogwater betekent bijvoorbeeld niet dat Defensie de leiding over de watercrisis heeft.
Wie vraagt de inzet aan?
Militaire steun of bijstand volgt een formele aanvraag en beoordeling. De militair adviseur ondersteunt bij het kiezen van de juiste capaciteit. Defensie vermeldt dat de juridische dienst aanvragen toetst en dat de opdracht daarna naar een of meer krijgsmachtdelen kan gaan.
Tijdens de inzet blijft het bevoegde civiele gezag leidend. Defensie noemt als mogelijk gezag de burgemeester, de officier van justitie of de minister van Binnenlandse Zaken, afhankelijk van de soort inzet. Militairen werken dus binnen de gezamenlijke crisisaanpak en onderhouden contact met de betrokken hulpdiensten.
Structurele en incidentele taken
Sommige nationale defensietaken zijn structureel geregeld. Voorbeelden zijn explosievenruiming, luchtruimbewaking en taken van de Koninklijke Marechaussee en Kustwacht. Andere hulp bij een ramp is incidenteel en wordt op verzoek geleverd. Dat onderscheid verklaart waarom Defensie bij het ene incident direct vanuit een vaste taak handelt en bij een ander incident eerst een aanvraag nodig is.
Uit de aanwezigheid van militairen kun je niet afleiden hoe ernstig een incident is. Zij kunnen juist worden ingezet vanwege een bijzonder voertuig, specialistische meetapparatuur of langdurige personeelsbehoefte. Het zichtbare uniform zegt evenmin welke wettelijke aanvraag of specialistische taak achter de inzet zit. Voor inwoners blijven de aanwijzingen van gemeente, veiligheidsregio en hulpdiensten leidend. Defensie is tijdens zo'n inzet een belangrijke aanvullende partner binnen de bestaande civiele crisisorganisatie.